 |
De grote wijzer.
Hoe zit dat?
Nooit meer oorlog
Een vreedzaam Europa, dat was de wens van heel veel mensen direct na de Tweede Wereldoorlog. Als Europese landen gingen samenwerken, zouden ze elkaar beter begrijpen en minder ruziemaken, zo werd er gedacht. Vanaf 1950 verenigden Europese landen zich economisch en politiek in de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS). Bij de oprichting waren zes landen betrokken: België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland. De jaren ó50 werden overheerst door een koude oorlog tussen Oost en West. In 1956 werd de Hongaarse opstand tegen het communistische regime neergeslagen door Sovjettanks. In 1957 nam de Sovjetunie de leiding in de ruimtewedloop. Zij lanceerden de eerste satelliet, Spoetnik 1. In datzelfde jaar werd ook de Europese Economische Gemeenschap (EEG), of ‘gemeenschappelijke markt’ opgericht door het Verdrag van Rome.
Op 1 januari 1973 traden Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk toe. Spanje en Portugal volgden vijf jaar later. Toen waren er elf landen lid van de EU. In 1986 werd de Europese Akte ondertekend. Dit verdrag was de reden om een zesjarenprogramma op te stellen. In die zes jaar moesten de problemen bij het vrije handelsverkeer opgelost worden. De politieke situatie veranderde sterk toen op 9 november 1989 de Berlijnse Muur viel. Voor het eerst in 28 jaar werd de grens tussen Oost- en West-Duitsland opengesteld, en niet veel later werd het land weer één. Door de instorting van het communisme in Midden- en Oost-Europa raakten alle Europeanen nauwer bij elkaar betrokken.

Welke vlaggen herken jij?
Vier vrijheden
In 1993 werd de interne markt aangevuld met de vier vrijheden: vrij verkeer van goederen, diensten, personen en geld. In de jaren ’90 werden twee belangrijke verdragen gesloten: het Verdrag van Maastricht over de Europese Unie in 1993 en het Verdrag van Amsterdam in 1999. De bevolking maakte zich zorgen over het milieu en over de Europese samenwerking op het gebied van veiligheid en defensie. In 1995 kreeg de EU er nog drie nieuwe leden bij: Oostenrijk, Finland en Zweden. Dankzij de Schengen-akkoorden, genaamd naar een klein dorp in Luxemburg, kunnen mensen reizen zonder paspoortcontrole aan de grenzen. Miljoenen jongeren studeren met EU-steun in het buitenland. Communicatie wordt makkelijker doordat alsmaar meer mensen mobiele telefoons en internet gaan gebruiken.
De euro werd de nieuwe munteenheid voor vele Europeanen. Op 11 september 2001 was er een terroristische aanslag in Amerika. Twee gekaapte vliegtuigen vlogen tegen wolkenkrabbers in New York en Washington. Dat was het begin van een nauwere samenwerking tussen EU-landen tegen terrorisme en criminaliteit. De politieke verdeling tussen Oost- en West-Europa werd opgeheven bij de toetreding van tien nieuwe landen tot de EU in 2004. En nu wordt er al een paar jaar nagedacht over het invoeren van een Europese grondwet. Tot nu toe is dat nog steeds tegengehouden.
 In deze enorme zaal vergaderen de leden van het Europese Parlement.
Wat is er aan de hand?
Lessuggesties
Kopieerblad
|